Charlie eh Molly in den beginne
Algemeen

Molly; de kat uit het asiel

Toen ik op 15 mei 2015 met vriendin M naar de Abraham van Stolkweg in Rotterdam reed, had ik nog geen idee wat me te wachten stond. Ik was er al meermaals geweest. Een keer met een collega die ook kattenplannen had en een keer met mn ouders. De eerste keer zat kat Sjaak in het asiel. Hij mist een oogje en dat vond ik ernstig aandoenlijk. Hij reageerde goed, liet zich aaien en vond zijn kattenleven in het asiel zo erg niet. Ik had Sjaak met alle liefde meegenomen, zij het niet dat ik nog niks in huis had. Spontaan is geen woord wat in je opkomt als je aan mij denkt. Zeker niet als het levens betreft. Dus met pijn in mijn hart liet ik Sjaak éénoog achter in de hoop dat hij een goed thuis zou vinden (dat vond ‘ie al heel snel).

Maar op 15 mei was ik voorbereid op alles. Ik had een kattenbak gekocht waarmee ik vervolgens 30 minuten naar huis kon wandelen. Met de fiets naar de dierenwinkel was wellicht ook geen briljant idee. Maar alles voor de kat. Dat die zin later mijn motto zou worden, dat wist ik ook nog niet.

Goed, terug naar vrijdag de 15e. Na werk was ik met M in de auto gestapt en reden we naar het dierenasiel. Daar aangekomen mocht ik kleur bekennen. Een lijst met vragen die het asiel moesten vertellen wie ik was en vooral ook wat mijn huis was. Toen dat duidelijk was, kregen we de lading katten te zien die ze op dat moment hadden. Ik zei dat ik alleen woonde en daarom ook relatief veel van huis zou zijn. Maar dat het bovenal mijn eerste huisdier zou zijn. In gedachten voegde ik daaraan toe dat ik zeven kleuren aan het schijten was. De dame van het asiel liet de katten zien die ze hadden, allemaal hadden ze zo hun verhaal. De meerderheid viel echter af omdat ik op de 10e woon en een buitenkat geen optie zou zijn.

In eerste instantie viel ik voor een zwart/witte kater. Hij werd geacht te luisteren naar de naam Spooky. De dame van het asiel ging in conclaaf met haar collega’s, maar het eindoordeel was toch dat Spooky buitenlucht nodig had. Meer dan ik hem zou kunnen geven. Maar ze hadden nog een kat, Molly. Die was wel lief en iets ouder, 7 jaar om precies te zijn, en daarmee geschikt voor mij.

Nou moet je weten dat liefde op het eerste gezicht erg lastig is als je geen idee hebt waar je naar kijkt. Ik kreeg een stoel om op m’n gemak te kijken of er een kat bij zat waar het mee klikte. Daar zat ik dan, tussen de katten in een ruimte waar poes Angel de boel terroriseerde. De aangewezen dame, Molly, die zat verstopt achterin een krabpaal. Ze durfde er niet zo goed uit te komen. Net zoals de andere katten was ook zij bang voor Angel (ironisch). Ik stak m’n hand in de opening, basisfout natuurlijk. Wist ik veel, geen verstand van katten. Ik kreeg een tik op m’n hand van Molly en ik dacht, “is dit dan de match?” Ik had geen idee hoe ik een kat moest lezen. De welbekende dikke staart kon ik wel achterhalen, maar de rest was onbekend terrein.

Na een poosje besloot ik de gok maar te wagen. Als het echt zo’n ramp zou zijn dan mocht ze terug. Wat er vervolgens gebeurde staat me nog zo helder voor de geest. Ik moest terug naar de balie om Molly te kopen. Alsof je een paar sokken afrekent. Ze hadden me nog bijna bij het verkeerde paar sokken geregistreerd als eigenaar, maar uiteindelijk stond ik te boek als Molly haar nieuwe baasje. Even later zat ze in haar reismandje en stond ze in de auto op mn schoot. Het arme beestje mauwde de hele auto bij elkaar en ik heb weinig in mijn leven zo spannend gevonden als dat moment. Molly werd een week later Charlie (luisteren naar haar naam deed ze toch al niet) en vanaf dat moment was ik Nienke, kattenvrouwtje.

Previous Post Next Post

You Might Also Like

No Comments

Leave a Reply